Fleurie is een van de beroemdste Crus van de Beaujolais. Op nog geen 800 hectare wijngaard, volledig rond het dorp Fleurie, maakt men vrijwel uitsluitend rode wijn van de Gamay-druif met een opvallend verfijnd, bloemig karakter. De naam gaat volgens de overlevering terug op de Romeinse legionair Florus, maar het moderne gezicht van de Cru wordt bepaald door twee iconen: een vrouw en een heuvel.
De vrouw is Mademoiselle Marguerite Chabert, de visionaire voorzitter van de Cave de Fleurie. De heuvel is La Madone, met op de top de kapel en het beeld van de Heilige Maagd, op 425 meter hoogte. Samen vertellen ze het verhaal van een Cru die tegelijk zacht en streng is: frivool in het glas, bloedserieus in zijn terroir.
Waarom ik Fleurie onderzoek
Dit artikel maakt deel uit van mijn lopende onderzoek naar de appellatie Fleurie voor mijn Magister Vini-scriptie. Ik bestudeer de terroirstructuur, lieux-dits en het Premier-Cru-dossier van de Cru, op basis van technische literatuur, bodemkaarten en veldbezoeken. In 2026/2027 voer ik aanvullende interviews met wijnboeren en experts in Fleurie. Mijn doel is om de unieke identiteit en toekomstige positionering van Fleurie in de internationale wijnwereld scherp in kaart te brengen. En ik wil vooral de keuzes van de wijnboeren leren begrijpen binnen de mogelijkheden die de bodem, het klimaat en de regels hen bieden.
Fleurie in één oogopslag
- Appellatie: Fleurie AOP (erkend in 1936)
- Regio:
- Beaujolais, departement Rhône (69)
- Uitsluitend de gemeente Fleurie (69820)
- Buren: Moulin-à-Vent (noord), Chiroubles (zuidwest), Morgon (zuid)
- Oppervlakte: ca. 800 ha in productie (799 ha in 2023)
- Druivenrassen
- hoofdras: Gamay Noir à Jus Blanc
- toegestane witte accessoire-rassen (max. 15% per perceel, zelden gebruikt): Aligoté, Chardonnay, Melon
- Stijl
- Kleur wijn: rood (droog)
- Signatuur: florale, verfijnde, vaak zijdeachtige Gamay
- Hoogte wijngaarden: ca. 250– 450 m, met de kapel van La Madone op 425 m
- Expositie: overwegend zuid en zuidoost
- Bodem
- circa 90% roze graniet (‘granite de Fleurie’)
- Lokaal schist en vulkanisch gesteente
- Onderin: colluviale bodems met fijn zand, leem en wat klei
- Gemiddelde opbrengst: plafond 56 hl/ha (butoir 61 hl/ha), reëel vaak 37– 50 hl/ha
- Structuur van de appellatie
- Dichtheid: min. 6.000 stokken/ha, traditioneel tot 9.000–11.000 in gobelet
- Aantal domeinen:
- ± 140 producenten (waarvan een derde via de Cave de Fleurie)
- Structureel zwaartepunt: Cave de Fleurie – eerste coöperatie van de Beaujolais (1927) die specifiek gericht was op cru-kwaliteit, en nog steeds grootste producent van de appellatie
Ligging & landschap
Fleurie ligt in het hart van de cru-zone van de Beaujolais, hoog boven de Saône-vallei. De appellatie leunt tegen een keten van kammen en cols: Fût d’Avenas, Col de Durbize, Col des Labourons en Pic Raymont. De hellingen zijn vaak steil (tot 50%), vooral rondom La Madone.
- Expositie: overwegend zuid en zuidoost, wat vroege rijpheid geeft, maar de hoogte zorgt voor fraîcheur.
- Reliëf: boven het dorp scherpe, smalle hellingen; onder het dorp golvende voethellingen met dikkere bodems.
- Panorama: vanaf de colline de la Madone kijk je bij zonsopkomst oostwaarts over de Saône, en bij zonsondergang richting de wijngaarden van Chiroubles in het westen – een 360°-blik op Gamay-land.
Dit reliëf is het gevolg van het omhoogkomen van magma en hevige tektonische activiteit. Erosie sneed daar in miljoenen jaren diepe valleien in. De hele Beaujolais is door die geologische krachten opgebroken in verschillende blokken; Fleurie bevindt zich op een van die opgestuwde fragmenten.
Geologie & bodem
De ondergrond van Fleurie wordt gedomineerd door roze graniet, arm aan mica (maar wel veldspaat en kwarts) en lokaal simpelweg ‘granite de Fleurie’ genoemd. Daarbovenop ligt een laag verweerd graniet (saproliet) en daar weer bovenop de teeltlaag waarin de wijnstokken wortelen.
Er zijn op hoofdlijnen drie soorten bodems te onderscheiden:
Granite de Fleurie
- Verweerd roze graniet, arm aan organische stof
- Zeer goed drainerend, rijk aan mineralen (kalium, magnesium, ijzer)
- Geeft wijnen met spanning, precisie en florale intensiteit
Schist en vulkanisch gesteente
- Lokaal aanwezig op bepaalde hellingen, maar veel minder uitgesproken dan in bijvoorbeeld Côte de Brouilly
- Net andere texturen en aromatische profielen: soms wat meer kruidigheid en grip
Colluviale bodems
- Onderaan de hellingen – richting de Saône, met fijn zand, leem en wat klei
- Warmer en dieper; wijnen worden ronder, fruitiger en directer drinkbaar
En grofweg kun je twee zones onderscheiden:
- Boven het dorp – pure graniethellingen, zoals colline de la Madone, delen van Les Garants, en Moriers
- Dunne, zeer stenige, zandige bodems (‘arène granitique’)
- Weinig water- en voedingsstoffen, snelle opwarming
- Geeft wijnen met spanning, florale aroma’s, strakkere structuur
- Onder het dorp – colluviale bodem aan de voet van de hellingen, zoals La Chapelle des Bois, delen van Grille-Midi en La Roilette
- Dikkere bodems door afzetting van materiaal van boven
- Meer fijne zandfractie, leem en wat klei
- Geeft rondere, fruitiger, vaak iets toegankelijkere Fleurie’s
Het terroir is dus allesbehalve homogeen. De klassieke slogan ‘Fleurie is zacht en elegant’ klopt, maar waar je in Fleurie staat, maakt heel veel uit.
Klimaat
Fleurie heeft het semi-continentale klimaat van de noordelijke Beaujolais, met duidelijke seizoenen:
- Winters: koel, met kans op vorst (door vroege uitloop is de Gamay kwetsbaar).
- Zomers: warm, steeds vaker heet, maar de hoogte en nachtelijke afkoeling vlakken de extremen af.
- Neerslag: ongeveer 800-850 mm per jaar, vrij gelijkmatig verdeeld.
Door de combinatie van veel zonuren, voldoende neerslag en goed drainerende granietbodems kan de Gamay perfect rijpen zonder log te worden, zolang de opbrengst maar onder controle blijft.
Huglin & Winkler
De Huglin-index classificeert de Gamay als passend bij waarden rond 1.600-1.700. Dat past precies in het soort koele tot gematigd warme klimaat in de Beaujolais; met een continentale basis, oceaaninvloed en warme mediterrane zomers.
De Winkler-index plaatst de Beaujolais in regio I, maar met een trend richting regio II; dat is vanwege de klimaatverandering. Een studie uit 2019 (door IFV en SICAREX) laat zien dat de som aan groeigraaddagen (Winkler, april–oktober, basis 10 °C) tussen de jaren 1970 en de jaren 2030 met circa 340 °C‑eenheden toeneemt.
Köppen-Geiger: Cfb
Het klimaat van Beaujolais valt volgens de Köppen-Geiger classificatie onder het Cfb-type: een vochtig gematigd klimaat met zachte winters en geen droog seizoen, ook wel oceanisch klimaat genoemd.
Dit betekent dat de gemiddelde temperatuur van de koudste maand boven −3 °C ligt, de gemiddelde temperatuur van de warmste maand onder 22 °C is, en het hele jaar door regen valt zonder een duidelijk droog seizoen. In de praktijk is dit een klimaat met zachte winters, warme zomers en een gemiddelde jaartemperatuur rond de 11 °C.
Het Cfb-klimaat van Beaujolais is echter regionaal niet homogeen, maar varieert van noord naar zuid, en van hoog naar laag. Dat heeft een significante invloed op rijping, wijnstijl en terroirexpressie. Oorzaak daarvan zijn de duidelijke regionale verschillen in topografie, bodem en microklimaat. Het noorden (Haut-Beaujolais) ligt op hogere, granieten heuvels, wat zorgt voor koudere nachten, meer wind en een langzamere rijping van de druiven; dit resulteert in wijnen met meer structuur en mineraliteit.
Naam & geschiedenis
De aanwezigheid van wijnstokken op het grondgebied van Fleurie is al in de 10de eeuw gedocumenteerd. De AOC Fleurie werd op 11 september 1936 erkend door de INAO – in de allereerste golf van Franse appellaties. Tegelijk dus met Châteauneuf-du-Pape, Monbazillac, Cognac en Bergerac om er een paar te noemen.
Over de etymologie is men minder zeker. De klassieke legende is:
- Florus, een Romeinse legionair, zou zijn naam hebben gegeven aan het dorp en later aan de Cru.
- Archeologisch en historisch bewijs voor een Romeins kamp ontbreekt echter; het blijft dus een mooi verhaal, geen hard feit.
Wat wel vaststaat: vanaf de 19de eeuw profileert Fleurie zich als een van de ‘edelste’ wijngaarden van de Beaujolais. Met een reputatie voor fijnere, elegantere wijnen dan de robuuste buren Morgon en Moulin-à-Vent.
Van abdij tot Chapelle
- Rond het jaar 1000 vestigt de Abbaye d’Arpayé zich op het grondgebied van Fleurie; wijnbouw is dan al aanwezig.
- Later ontwikkelt het huidige dorp zich rond een groot domein met de kerk Saint-Martin als spil.
- Onder Lodewijk XVI en tijdens de Franse Revolutie (1789) ontstaat een religieuze crisis; priesters verlaten Fleurie en keren pas in 1791 terug.
De Chapelle de la Madone op de heuvel boven het dorp is een constructie van de 19de eeuw. De bouw valt samen met de periode rond de Frans-Duitse oorlog (1870). Er gaan twee verhalen rond:
- een gelofte aan Maria rond de druivenziekte oïdium (echte meeldauw);
- een gelofte om Fleurie te beschermen tegen Pruisische troepen.
Hoe dan ook: de kapel wordt het herkenningspunt van de Cru, de Madone die waakt over de wijngaarden.
Ziekten, crisis en wederopbouw
De 19de eeuw brengt ook de grote wijngaardziekten:
- pyrale de la vigne (rupsen van de wijnstokmot),
- oïdium (echte meeldauw)
- valse meeldauw (milidou)
- phylloxera (druifluis)
De ziektes slaan de wijnbouw bijna economisch knock-out, maar leiden uiteindelijk tot heraanplant op Amerikaanse onderstokken (Victor Vermorel) en modernere bedrijfsvoering. In de 20ste eeuw groeit Fleurie uit tot een van de ‘edelste’ Cru’s van de Beaujolais.
Cave de Fleurie – hart van de cru
De Cave de Fleurie is de grootste producent van Fleurie AOC, en daarnaast ook nog eens de belangrijke drijvende kracht achter de kwaliteitsontwikkeling van de Cru. Sinds de oprichting in 1927 heeft de coöperatie een centrale rol gespeeld in het professionaliseren van de wijnbouw in Fleurie. Door samenwerking tussen wijnboeren te bevorderen en investeringen te doen in moderne vinificatie, versterkte dat het imago van de Cru.
Innovatie en kwaliteit
Met de introductie van speciale cuvées zoals Les Garants, La Madone en La Chapelle des Bois (1997) en de hommage-cuvées Subtil en Intense (2007), laat de Cave een sterke focus op kwaliteit en terroirexpressie zien. De investeringen in moderne vinificatie, zoals de thermogeregelde inox-cuverie (1985), hebben bijgedragen aan de internationale reputatie van de wijnen van Fleurie.
Korte tijdlijn
- 1927 – oprichting van de Cave de Fleurie; eerste wijncoöperatie van de Beaujolais.
- 1932 – bouw van de eerste coöperatielokalen met eigen vinificatie en opslag.
- 1968–1972 – uitbreiding met nieuwe betonnen cuveries.
- 1985 – nieuwe thermogeregelde inox-cuverie (32 cuves van 300 hl).
- 1997 – lancering van drie terroircuvées: Les Garants, La Madone, La Chapelle des Bois.
- 2003 – opening van de cave-winkel in het dorpscentrum.
- 2007 – introductie van de cuvées Subtil en Intense als hommage aan Marguerite Chabert.
- 2017 – 280 leden, 300 ha wijngaarden, 13 appellaties; grootste producent van Fleurie AOC.
De Cave is dus geen anoniem volumestation, maar een verzameling van families die generaties lang op dezelfde hellingen werken en hun percelen met groot vakmanschap beheren.
De sterke vrouwen van Fleurie
Marguerite Chabert – een gezicht voor de Cru
Mademoiselle Marguerite Chabert (1899–1992) is het eerste grote icoon van Fleurie. Vanaf 1946 leidde zij de Cave de Fleurie – als eerste vrouwelijke president van een wijncoöperatie in Frankrijk. Bijna veertig jaar lang bewaakte ze de kwaliteit, identiteit en reputatie van de Cru. Geboren in een wijnbouwgezin, groeide ze op in de wereld van de wijn en werd ze al snel de motor achter de modernisering en professionalisering van de coöperatie.
- Chabert professionaliseerde de selectie van percelen en zorgde ervoor dat alleen de beste druiven werden gebruikt voor de topcuvées.
- Ze stimuleerde botteling onder eigen naam in plaats van uitsluitend verkoop aan négociants, wat de merkwaarde van Fleurie versterkte en de Cru meer internationale erkenning bezorgde.
- Daarnaast was ze een pionier op sociaal vlak: ze bevorderde vrouwelijk leiderschap in een traditioneel mannelijke sector en inspireerde latere generaties vrouwen in de wijnbouw.
- In 1975 ontving ze de Légion d’honneur voor haar verdiensten voor de Beaujolais, en ze kreeg diverse andere onderscheidingen. Haar nalatenschap leeft voort in de waarden van de Cave de Fleurie en de reputatie van de Cru. Zonder Chabert was Fleurie waarschijnlijk veel anoniemer gebleven. Dankzij haar kreeg de Cru letterlijk een gezicht.
Chantal Chagny – gastronomisch ambassadeur
Chantal Chagny is het tweede grote vrouwelijke icoon van Fleurie. Na een opleiding in de horeca en een periode in Engeland, kocht ze in 1968 het restaurant Le Cep in Fleurie. Ze werkte samen met de getalenteerde chef Gérard Cortembert, en samen bouwden ze het restaurant uit tot een internationaal erkende gastronomische hotspot. In de jaren ’80 werd het restaurant bekroond met twee Michelinsterren, en trok het zowel filmsterren als politici aan.

Chantal Chagny heeft het restaurant bijna veertig jaar geleid en maakte het tot een instituut van de Beaujolais-gastronomie, waar lokale producten tot hun recht kwamen.
Na het overlijden van Gérard Cortembert in 1990 besloot Chantal om de focus te verleggen van sterrencuisine naar een sterk lokale, productgerichte keuken.
Haar kelder werd gevuld met enkele van de meest prestigieuze Beaujolaiswijnen, en ze werd geprezen door bekende critici als Périco Légasse en The New York Times.
L’Auberge du Cep ★ – gastronomie als ambassadeur
In het dorp zelf wordt de erfenis van Chabert en Chagny geëerd door L’Auberge du Cep, voorheen Le Cep, het restaurant in Fleurie met een Michelinster. Het restaurant staat sinds 1951 bekend om zijn uitstekende keuken en heeft in 2021 na een korte pauze zijn ster terugverdiend.
Sinds 2015 staat het onder leiding van chef Aurélien Merot en zijn partner Camille, die samen een warme en gastvrije sfeer creëren waar regionale gerechten (zoals pâté en croûte, coq au vin en andouillette) worden gecombineerd met een uitgebreide wijnkaart met vooral topwijnen van de AOC Fleurie.
Het Menu du Marché <<Grille-Midi>> (40 euro, 2025) is een voorbeeld van hoe gastronomische keuken en de Cru elkaar versterken; verfijning zonder kapsones, topwijnen voor schappelijke prijzen.
Het restaurant ligt pal aan het pittoreske dorpsplein. Voor toeristen op de beroemde Bourgondische en Beaujolais-routes de vins niet te missen. Aurélien en Camille benadrukken hun passie voor de regio, de wijngaarden en de producten, en willen hun gasten laten genieten van de gastvrijheid en de rijke gastronomische tradities van de Beaujolais.
Beide vrouwen, Chabert en Chagny, hebben Fleurie een onvergetelijk gezicht gegeven: de ene via de wijnbouw, de andere via de gastronomie. Hun nalatenschap leeft voort in de waarden, kwaliteit en reputatie van Fleurie.
Wijngaard & druiven
Gamay op graniet
De rode wijn va Fleurie is voor 100% van het blauwe druivenras Gamay Noir à Jus Blanc. Dat ras:
- loopt vroeg uit, dus gevoelig voor voorjaarsvorst;
- is van nature productief en moet streng in toom worden gehouden (canopy management);
- geeft de beste resultaten op zure, granietrijke bodems – precies wat Fleurie heeft.
De combinatie Gamay + graniet levert wijnen op met:
- levendige, rode tot paarsrode kleur;
- relatief weinig tannine, maar stevige zuren;
- een spectrum van rode vruchten (aardbei, framboos, rode kers), soms zwarte bes en een typische florale toets (viooltjes, rozen).
Dichtheid & snoei
Traditioneel werd de wijngaard zeer dicht aangeplant (9.000-11.000 stokken/ha) en in gobelet (bekervorm) gesnoeid. Mechanisatie heeft geleid tot iets lagere dichtheden, maar minimaal 6.000 stokken/ha blijft verplicht volgens het Cahier des Charges, de regels van de appellatie.
Belangrijkste snoeivormen:
- Gobelet (trots van de oude Beaujolais, vooral oude stokken)
- Cordon de Royat (vooral bij nieuwe aanplant)
Vinificatie & stijl
In Fleurie kom je grosso modo twee vinificatielijnen tegen:
- Macération (semi)carbonique (macération Beaujolaise)
- Handgeplukte, hele trossen in de kuip.
- Een deel wordt onderin gekneusd en begint klassiek te gisten; de rest ondergaat intracellulaire fermentatie in een CO₂-rijke omgeving.
- Geeft fruitige, soepele wijnen met bescheiden tannine en veel primaire aroma’s.
- Klassieke maceratie met langere extractie (Bourgogne-stijl)
- Eveneens hele trossen, vaak iets meer pigeage of remontage.
- Langer schilcontact tot bijna alle suikers gebruikt zijn.
- Meer structuur, diepte en bewaarpotentieel; de stijl schuift richting Bourgogne.
Malolactische omzetting is standaard. Het houtgebruik varieert van uitsluitend cuve inox of beton (geen hout) tot gedeeltelijke of volledige opvoeding op foudres en barrique. Maar nieuwe barrique komen zelden voor, omdat Gamay en nieuw hout geen gemakkelijke combinatie is.
Lieux-dits op weg naar Premier Cru-status
De AOC telt officieel 48 lieux-dits; dat zijn specifieke, benoemde locaties of percelen. In de praktijk is een veel kleiner aantal namen steeds terug te vinden op etiketten, als kwaliteitsreferentie. Veelgevraagde climats (benaming voor wijngaarden in de Bourgogne) zijn onder andere:
- La Madone
- Grille-Midi
- Les Moriers
- Les Garants
- Poncié
- La Roilette
- La Chapelle des Bois
- Les Quatre Vents
- Grand’Cour
- Le Bourg
- La Joie du Palais
Fleurie als pionier: 7 beoogde Premiers Crus
Sinds 2019 werken de tien Crus van de Beaujolais samen aan een systematische studie van hun terroirs. De appellatie Fleurie heeft als eerste Cru bij de INAO een volledig dossier ingediend om een deel van de lieux-dits tot Premier Cru te laten benoemen.
Op basis van bodemstudies, gebruiksgeschiedenis en proefreeksen kozen de wijnboeren in 2023 zeven climats, samen goed voor ongeveer 27% van de appellatie, de lieux-dits:
- Les Moriers
- Poncié
- Les Garants
- La Madone
- La Roilette
- Grille-Midi
- La Chapelle des Bois
In november 2023 is het dossier officieel bij de INAO ingediend. De beoordeling kan acht tot tien jaar duren; aanpassingen onderweg zijn mogelijk. Tot die tijd blijft ‘Premier Cru Fleurie’ een belofte op papier, maar inhoudelijk worden deze zeven wijngaarden nu al als de ruggengraat van de Cru gezien.
Proefprofiel van Fleurie
Er bestaat niet één smaakprofiel van Fleurie. Door die variatie is de Cru juist interessant. Toch kun je een paar gemene delers benoemen.
De aroma’s:
- Rood fruit: aardbei, framboos, rode kers
- Florale tonen: viooltjes, rozenblaadjes
- Bij rijping: iris, gedroogde bloemen, lichte sous-bois, soms specerijen
In de mond
- Aanzet: open, direct, sappig
- Zuur: meestal redelijk gematigd voor Beaujolais-begrippen; nooit log
- Tannine: zacht, afgerond, vaak zijdeachtig
- Textuur: rond, fluwelig, met voldoende ruggengraat om niet ‘plakkerig’ te worden
Een Fleurie van de granietkoppen rond La Madone zal doorgaans meer spanning, grip en ‘verticaliteit’ tonen. Een Fleurie van de warmere voethellingen – bijvoorbeeld Grille-Midi – neigt meer naar rijp fruit en charme; perfect wanneer licht gekoeld in de zomer.
Serveertips & bewaarpotentieel
- Serveertemperatuur:
- jonge, fruitige Fleurie: 12–14 °C (licht gekoeld)
- serieuzere, gerijpte cuvées: 14–16 °C
- Glaswerk: middelgroot universeel of Bourgogneglas; grote ballonglazen zijn alleen zinvol bij oudere topcuvées.
- Bewaartermijn:
- basis-Fleurie: optimaal binnen 2–5 jaar na oogst;
- terroircuvées (Moriers, Poncié, La Madone, etc.): 7–10 jaar is geen uitzondering, goede jaren kunnen nog langer mee.
Fleurie aan tafel
Fleurie is een culinaire kameleon. Dankzij de combinatie van fruit, florale finesse en gematigde tannine past de wijn bij meer gerechten dan veel Bourgogne-dorpen.
Klassieke combinaties
- Gegrilde kip, parelhoen, kwartel
- Kalfslapjes, varkensgebraad, lamsrack
- Pâté en terrines, rillette, charcuterie
- Beaujolais-gerechten als andouillette, boudin noir (bloedworst) en eenvoudigere bistro-gerechten
Moderne combinaties
- Groentegerechten op basis van bieten, geroosterde wortels, linzen
- Aziatische gerechten zonder al te veel chili (eend met vijfkruidenpoeder, miso-aubergine uit de oven)
- Halfharde kazen: Tomme, Reblochon-stijl, jonge Comté
Een elegante Fleurie met een verfijnd, klassiek gerecht bij L’Auberge du Cep is misschien de meest ‘pure’ ervaring van de Cru, maar de wijn kan net zo goed mee naar de keukentafel thuis.
Fleurie vandaag en morgen
Fleurie staat op een kantelpunt:
- De cru heeft een sterk terroirverhaal (graniet, hoogte, La Madone), waarin de identiteit van de regio tot uitdrukking komt.
- Er zijn historische figuren zoals Marguerite Chabert en een hedendaagse ambassadeur in L’Auberge du Cep, die samen het verhaal van Fleurie voortzetten.
- De wijnbouw schuift steeds meer van volume naar precisie: lagere rendementen, biologische en duurzame teelt. En de groeiende focus op individuele lieux-dits vormt de basis voor een kwalitatief hoogstaande toekomst.
- Met het Premier-Cru-dossier loopt Fleurie voorop in de herpositionering van de Beaujolais: van ‘oude vertrouwde bistrowijn’ naar serieuze terroir-wijn op Bourgogne-niveau.
Wie Fleurie vandaag serieus volgt, proeft niet alleen elegante Gamay, maar ook een regio die zichzelf opnieuw uitvindt. De heuvel van La Madone is daarbij niet alleen een religieus symbool, maar ook een baken: hier, op dit graniet, met deze mensen, wordt de toekomst van de Beaujolais nu geschreven.
Veelgestelde vragen over Fleurie
Wat maakt Fleurie anders dan andere Beaujolais-crus?
Fleurie staat bekend om zijn bloemige, verfijnde karakter, met aroma’s van viooltjes, aardbei en framboos. De ondergrond bestaat voor circa 90% uit roze graniet, het zogenoemde ‘granite de Fleurie’. Dat graniet geeft de wijn spanning en precisie, terwijl de hoogteligging tussen 250 en 450 meter voor frisse zuren zorgt. Vrijwel alle andere Beaujolais-crus hebben een meer gevarieerde bodemopbouw, behalve Chiroubles.
Wat zijn de zeven lieux-dits die Fleurie wil promoveren tot Premier Cru?
De appellatie diende in november 2023 een dossier in bij de INAO voor zeven klimaten: Les Moriers, Poncié, Les Garants, La Madone, La Roilette, Grille-Midi en La Chapelle des Bois. Samen beslaan ze circa 27% van de appellatie. De INAO-beoordeling duurt naar verwachting acht tot tien jaar.
Op welke temperatuur serveer je Fleurie?
Jonge, fruitige Fleurie smaakt het best op 12 tot 14 °C, licht gekoeld. Serieuzere terroircuvées verdienen 14 tot 16 °C. Grote ballonglazen zijn alleen zinvol bij oudere topcuvées; een middelgroot universeel glas of Bourgogneglas volstaat.
Hoe lang kun je Fleurie bewaren?
Een basis-Fleurie drink je bij voorkeur binnen twee tot vijf jaar na de oogst. Terroircuvées van lieux-dits als Moriers, Poncié of La Madone houden zeven tot tien jaar gemakkelijk vol; in goede jaren langer.
Wie was Marguerite Chabert en waarom is ze belangrijk voor Fleurie?
Marguerite Chabert (1899–1992) leidde de Cave de Fleurie van 1946 tot in de jaren tachtig van de vorige eeuw, als eerste vrouwelijke president van een wijncoöperatie in Frankrijk. Ze professionaliseerde de selectie van wijngaarden, stimuleerde botteling op het domaine en gaf de Cru internationale uitstraling. In 1975 ontving ze de Légion d’honneur. Zonder haar was Fleurie waarschijnlijk anoniem gebleven.
Interessante websites
- Cru Fleurie
- Cave de Fleurie
- Fleurie (gemeentewebsite)
- Interactieve kaart Fleurie
- Auberge du Cep (*restaurant)
- Overzicht wijnproducenten Fleurie
Gerelateerde onderwerpen
- Saint-Amour, l’élégance du Gamay
- Majolia: de eerste alcoholvrije Beaujolais met een missie
- Beaujolais op Spotify en in de socials
- Beaujolais Nouveau: terug van nooit weggeweest
- Chiroubles – het hoogste terroir van de Beaujolais
Bijgewerkt op 13 mei 2026



