Mâcon versoepelt zijn productieregels vanwege klimaatdruk, techniek en economische kwetsbaarheid. Producenten krijgen daardoor meer mogelijkheden. Maar leidt dat ook tot meer vraag naar wijn uit de Mâconnais?
Sinds augustus 2026 mogen witte Mâcon-wijnen naast Chardonnay ook aanvullende druivenrassen bevatten. De minimale plantdichtheid daalt en gewone Mâcon blanc krijgt meer vrijheid bij het gebruik van houtfragmenten. Klimaatverandering vormt een officiële reden voor een deel van die aanpassingen. Tegelijk ontstaat ruimte voor eenvoudiger en goedkoper produceren en voor meer sturing op frisheid, textuur, aroma en houtinvloed.
Chardonnay krijgt hulp
Het nieuwe cahier des charges van de AOC Mâcon, het productdossier van de appellatie, maakt Aligoté, Pinot Blanc en Pinot Gris tot aanvullende druivenrassen, de zogenoemde cépages accessoires. Melon en Sacy krijgen onder specifieke voorwaarden eveneens ruimte. De oude regels waren eenvoudiger: witte Mâcon bestond uit 100 procent Chardonnay.
Volgens Caroline Guyotat, directeur van wijnproducentenorganisatie Union des Producteurs de Vins de Mâcon (UPVM), begonnen de gesprekken over deze verruiming in 2021 en 2022. De eerste aanvraag volgde daarna. De UPVM noemt 2024 als jaar van de eerste aanvraag; het INAO dateert de formele indiening op juli 2025.
Aligoté, Pinot Blanc en Pinot Gris zijn volgens Guyotat gekozen vanwege hun natuurlijke zuurgraad en het vermogen frisheid te behouden. Bij monde van Christèle Mercier, regionaal vertegenwoordiger voor Centre-Est, bevestigt het INAO dat klimaatadaptatie het eerste doel van deze verruiming is. Bourgogne heeft bovendien al ervaring met deze druivenrassen binnen andere AOP’s.
Sacy en Melon worden getest als oudere druivenrassen uit de Bourgogne. Guyotat noemt onder meer zuurbehoud, een lager alcoholpotentieel, beperkte gevoeligheid voor bepaalde schimmelziekten en herstelmogelijkheden na vorst.
Bij een wijnbedrijf moet minstens 90 procent van de witte Mâcon-aanplant uit Chardonnay bestaan. Maximaal 10 procent van de relevante wijngaardoppervlakte mag met aanvullende druivenrassen zijn beplant. In een afzonderlijke wijn mogen die rassen tot 15 procent van de assemblage uitmaken.
Bij gelijke opbrengsten kan een producent daardoor ongeveer twee derde van zijn productie assembleren met 15 procent aanvullende druivenrassen en toch nog circa een derde als 100 procent Chardonnay overhouden.
Minder stokken per hectare
De verlaging van de minimale plantdichtheid van 7.000 naar 5.000 stokken per hectare speelt volgens Guyotat al sinds 2010. De UPVM koppelt die wijziging aan klimaatadaptatie, minder herbicidengebruik, bredere begroeide rijen, eenvoudigere mechanisatie, lagere materiaalkosten en de economische duurzaamheid van de bedrijven.
De Mâconnais staat niet alleen in deze aanpak. De CAVB, de koepelorganisatie van de Bourgondische wijnbouw-ODG’s, ontwikkelde in 2025 samen met lokale INAO-diensten acht standaardmaatregelen voor de Bourgondische AOP-cahiers des charges. Ze gaan onder meer over druivenrassen, maatregelen ter bescherming van de wijnstok en vermindering van herbicidengebruik. Ook dat past in een bredere versnelling van regelaanpassingen binnen de appellaties in de Bourgogne.
Het INAO noemt eveneens klimaatadaptatie en mechanisatie. De nieuwe ondergrens sluit bovendien aan bij de plantdichtheid die al geldt voor regionale Bourgogne-AOP’s.
Meer vrijheid in de kelder
Het oude productdossier verbood het gebruik van morceaux de bois: houtfragmenten die tijdens vinificatie of opvoeding houtcomponenten aan wijn kunnen afgeven.
Voor gewone Mâcon blanc verdwijnt dat verbod. Bij Mâcon-Villages en witte Mâcon met een geografische toevoeging, zoals Mâcon-Lugny, blijft het gelden.
Volgens Guyotat spelen bij die versoepeling zowel kwalitatieve als economische overwegingen mee: tijdwinst, energiebesparing, gemakkelijker werken en ruimtebesparing. Het INAO omschrijft de achtergrond eveneens als ‘technico-economisch’ en wijst erop dat deze praktijk al is toegestaan binnen de regionale AOP Coteaux Bourguignons.
Christèle Mercier van het INAO noemt gewone Mâcon het basisniveau van de lokale kwaliteitspiramide. Mâcon-Villages en Mâcon met een geografische toevoeging vormen het niveau daarboven. Voor die wijnen blijven de eisen aan de opvoeding strenger en blijft het gebruik van houtfragmenten verboden.
Een appellatie onder economische druk
Begin 2026 omschreef Jérôme Chevalier, voorzitter van UPVM, de situatie van regionale Mâcon-wijn als ‘dans le dur’.
Volgens Chevalier daalden de handelsprijzen in 2024 met 20 procent en in 2025 opnieuw met 20 procent. Producenten die hun wijn uitsluitend aan négociants verkochten, kregen volgens hem ongeveer € 600 tot € 650 per pièce, terwijl de productiekosten rond € 900 lagen.
Chevalier maakte daarbij een belangrijk onderscheid: de verkoop op fles hield volgens hem stand, zowel bij export als aan de kelderdeur. De zwaarste druk ligt bij producenten die regionale Mâcon aan de négoce verkopen.
Een pièce is het traditionele Bourgogne-vat van 228 liter. € 600 komt neer op ongeveer € 2,63 per liter, of circa € 1,97 aan wijn per fles van 75 cl. Voor een fles die in Nederland wordt verkocht, komen daar botteling, fles, sluiting, etiket, transport, accijns, handelsmarges en 21 procent btw bovenop.
De UPVM probeerde bovendien jarenlang de vermelding ‘vin de Bourgogne’ voor meer Mâcon-wijnen toegestaan te krijgen. Chevalier zei daar openlijk over dat Mâcon daarmee commercieel van het Bourgogne-imago kon profiteren. De Conseil d’État, de hoogste Franse bestuursrechter, maakte eind 2025 een einde aan die poging.
De wijngaard verandert langzaam
Een kelderregel kan vrijwel onmiddellijk effect hebben. Nieuwe aanplant levert pas na enkele jaren een economisch relevante oogst. Een deel van de gevolgen van deze cahierwijziging wordt daardoor pas rond 2029 of 2030 echt zichtbaar.
De nieuwe regels geven producenten meer ruimte om om te gaan met klimaatdruk, ziektedruk, mechanisatie en kosten, en om het smaakprofiel van hun wijn gerichter te sturen. De onderliggende verandering bij consumenten verloopt langzaam, maar concrete voorkeuren en koopmomenten kunnen in enkele jaren wel degelijk verschuiven.
Bij individuele producenten hoeft er weinig te veranderen. Germain Bernard van Château des Correaux in Leynes zegt dat zijn werkwijze hetzelfde blijft. Hij is niet van plan de plantdichtheid of het druivenras aan te passen en ziet voor zijn domein geen reden om door de nieuwe regels een andere wijnstijl te gaan maken.
De Beaujolais kiest een andere route
Ook Beaujolais heeft veel markt verloren. De wereldwijde export van rode en rosé Beaujolais daalde tussen 2000 en 2025 met eenentachtig procent, tegen zeventien procent voor de totale Franse wijnexport. Toch zijn er relatief weinig veranderingen in de wijngaard en de kelder.
Eén verandering is er wel: de opmars van witte Beaujolais. De groei van witte Beaujolais heeft bovendien een duidelijke concurrentielogica. Veel Chardonnay uit de streek wordt als Bourgogne blanc of Crémant de Bourgogne verkocht; Inter Beaujolais, de brancheorganisatie van wijnboeren en handelaren in de Beaujolais, wil een groter deel van die wijn onder de eigen naam vermarkten.
Tegelijkertijd zoekt een jongere generatie wijnboeren naar een andere positie voor Beaujolais, onder meer met rode wijnen met een lager alcoholgehalte die vaker koel worden geschonken. Ook de kwaliteitsladder wordt verfijnd, via het Premier Cru-traject van Fleurie en het project voor de aanvullende geografische benaming Beaujolais Pierres Dorées.
Wijnboeren, caves, restaurants en ondernemers zoeken daarnaast rechtstreeks contact met drinkers en kopers, via proeverijen, gastronomie, wijntoerisme, directe verkoop en evenementen. Klimaatverandering speelt ook hier mee, maar het herstel van vertrouwen bij de koper is waar de energie nu zit.
Mâcon krijgt de kans nieuw vertrouwen op te bouwen
De aangepaste regels geven antwoord op reële problemen: klimaatdruk, ziektedruk, mechanisatie, kosten en de continuïteit van wijnbedrijven. Dat de appellatie haar regels na jaren van overleg daadwerkelijk verandert, is winst.
De regels veranderen, maar daarmee is nog niet duidelijk waarom een consument vaker voor Mâcon zou kiezen. De UPVM spreekt over maatschappelijke verwachtingen, maar uit de aanpassingen blijkt nog niet welke plaats Mâcon bij de langzaam veranderende consument wil innemen. Meer mogelijkheden in de wijngaard en kelder kunnen daarbij helpen. Maar pas nadat wijnboeren er wijnen mee maken die voor consumenten relevant blijken.
Wijn kopen berust voor een belangrijk deel op vertrouwen. Dat groeit in de eerste plaats doordat de wijn lekker is en daarnaast doordat hij een functie krijgt. De beweging in de Mâconnais biedt producenten de kans dat vertrouwen opnieuw op te bouwen.
De tweede fles blijft een consumentenbesluit. Dat de Mâconnais inmiddels beweegt, vergroot in ieder geval de kans dat die tweede fles er komt.
Bronnen
- Ministère de l’Agriculture / Légifrance, Arrêté du 7 août 2026 homologuant le cahier des charges de l’appellation d’origine protégée ‘Mâcon’, gepubliceerd in het Journal officiel op 13 augustus 2026. Légifrance: homologatie cahier des charges AOP Mâcon
- Institut national de l’origine et de la qualité (INAO), Rapport d’activité 2025: 90 ans – L’innovation en héritage, met name p. 16 over de standaardmaatregelen voor de Bourgondische AOP’s. INAO: Rapport d’activité 2025
- Abellan, Alexandre, ‘Pas de “vin de Bourgogne” pour l’AOC Mâcon : “franchement, ça gênait qui ?”’, Vitisphere, 10 januari 2026. Vitisphere
- Conseil d’État, Décision n° 495017, Union des producteurs de vins de Mâcon, 30 december 2025. Conseil d’État: beslissing 495017
- Christèle Mercier, déléguée territoriale Centre-Est, INAO, schriftelijke reactie aan de auteur, september 2026.
- Caroline Guyotat, directeur Union des Producteurs de Vins de Mâcon (UPVM), schriftelijke reactie aan de auteur, september 2026.
- Germain Bernard, Château des Correaux, Leynes, schriftelijke reactie aan de auteur, september 2026.
- Inter Beaujolais, ‘De futurs premiers crus en Beaujolais’, over onder meer het Premier Cru-traject van Fleurie. Inter Beaujolais
- Inter Beaujolais, ‘Excellence Beaujolais Pierres Dorées: la sélection 2022’, over het traject naar een aanvullende geografische benaming voor Beaujolais Pierres Dorées. Inter Beaujolais