Koen van Dam proeft 365 druivenrassen. Dat levert kennis, video’s en verkoop op. De echte test: helpen al die namen de klant ook beter kiezen?
Een druivenras krijgt voor de consument pas waarde zodra het een wijnkeuze gemakkelijker of interessanter maakt. Koen van Dam test dat op een nogal ambitieuze manier. Met ‘365 druiven in 365 dagen’ probeert hij wijnen van 365 verschillende druivenrassen te vinden, te proeven en in video’s te bespreken. Inmiddels staat de teller op 212.
Het project is slim opgezet. Onderzoek, proeven, video, marketing en verkoop komen samen. Koen leert zelf, zijn publiek kijkt mee en onbekende druiven krijgen aandacht. Zijn webshop Wijn met een boodschap vormt de commerciële achterkant van het experiment.
Mijn column: De klant is koning. Mits hij zich aan onze wijnregels houdt ging over de wijnwereld die de klant graag als leerling behandelt. Druiven, appellaties, bodemsoorten, producenten en jaargangen zijn de verplichte lesstof. Koen reageerde daarop dat zijn webshop juist vanuit de klant denkt. Zijn reactie eindigde met een concrete vraag: hoe breng je dat uitgangspunt in de praktijk?
Een goed uitgangspunt is: begin bij de reden waarom iemand een wijn kiest. Welke functie krijgt de fles tijdens een avond, aan tafel of op een bepaald moment? Druif, producent en geschiedenis geven dan extra context, maar zijn zelden de hoofdact.
Misschien ligt een deel van het antwoord al in Koens eigen project.
365 druiven tellen wordt snel ingewikkeld
Het is eenvoudiger om druivenrassen te tellen dan om vast te stellen wanneer je precies van een afzonderlijk ras spreekt. Trebbiano Toscano heet in Frankrijk Ugni Blanc. Primitivo en Zinfandel zijn genetisch hetzelfde ras. Cannonau is Grenache. Daarnaast bestaan kleurmutaties, lokale namen en blends waarin verschillende rassen voorkomen.
Koen zoekt voor zijn project wijnen waarin één druivenras duidelijk de hoofdrol speelt. Dat lijkt eenvoudig, maar de praktijk is weerbarstig. Sommige lokale rassen zijn namelijk zo beperkt aangeplant dat het kopen van een fles al een zoektocht op zich is.
Daarmee verandert het project ongemerkt van karakter. Een lijst met 365 druivennamen wordt zo ook een onderzoek naar welke rassen als afzonderlijke wijn te vinden zijn, hoe je ze uitlegt en of consumenten ze kopen. De vraag hoeveel druivenrassen er bestaan krijgt zo een meer praktische tegenhanger: wat schiet een consument op met al die verschillen?
De consument zoekt houvast
Bekende druivenrassen functioneren als smaakcodes. Pinot Grigio staat voor licht, fris en droog. Sauvignon Blanc staat meestal voor strak, knisperend fris wit met citrus en uitgesproken groene tonen. Verdejo is doorgaans wat ronder en zachter, met rijper fruit, kruidigheid en een licht bittertje in de afdronk.
Zo’n smaakbeeld klopt technisch lang niet altijd precies. Maar de naam geeft voldoende houvast om een keuze te maken. De consument hoeft om te kunnen bestellen niet eerst vinoloog te worden.
Bij Verdeca, Chenel of Saperavi ontbreekt die voorkennis. Daar moet de verkoper en de sommelier een vertaling maken naar een smaakstijl die de klant al kent. Een Verdeca kan bijvoorbeeld worden uitgelegd als droog en fris wit met levendige zuren, citrus en groene appel, iets kruidiger en spannender dan een neutrale Pinot Grigio.
Hier liggen kansen voor Koens project. Zijn kennis van 365 druiven kan onbekende namen verbinden met smaakvoorkeuren die klanten al hebben.
Bij Saperavi doet hij dat al. Koen schetst een smaakbeeld dat Primitivo-drinkers deels zullen herkennen: rijp donker fruit en kracht, met meer frisheid, tannine en spanning. Zo krijgt een onbekende druif meteen een vertrouwd vertrekpunt, zonder de verschillen weg te poetsen.
Sommige klanten zoeken juist het onbekende
Onbekendheid is voor een deel van Koens klanten juist een koopmotief. Zij kiezen bewust een wijn van een onbekende druif. Een Georgische wijn van Saperavi of het eerder genoemde Zuid-Afrikaanse ras Chenel kan aantrekkelijk zijn, omdat er iets te ontdekken valt.
Koens project bedient daarmee zowel herkenning als nieuwsgierigheid. De ene klant zoekt houvast bij bestaande smaakvoorkeuren. De andere wil juist buiten zijn bekende smaakcodes drinken. In beide gevallen moet de druivennaam iets toevoegen aan de keuze.
Eén fles vertegenwoordigt vooral zichzelf
Koen merkte al snel hoe sterk de stijl binnen een druivenras kan verschillen. Twee Verdeca’s, waarvan een met houtopvoeding, smaakten volgens hem zo verschillend dat ze van verschillende rassen hadden kunnen komen. Een Zuid-Afrikaanse Tannat deed hem blind denken aan Cabernet Sauvignon uit Chili.
365 verschillende druiven leveren daardoor vooral kennis op over 365 concrete wijnen. Van bekende rassen heeft de consument veel meer voorbeelden om aan een globaal smaakbeeld te koppelen. Bij Verdeca, Chenel en andere zeldzame druiven weegt de concrete wijn zwaarder dan de druivennaam.
Saperavi: verkoopt de druif of de fles?
In Koens verkoopgegevens doet Saperavi het opvallend goed: 452 flessen aan 114 kopers. Van die 114 plaatsten er elf later nog een bestelling. Zes kochten dezelfde Saperavi opnieuw; niemand koos later voor een andere Saperavi.
Dat onderscheid is relevant. Een herhaalaankoop van dezelfde wijn laat vooral zien dat die wijn aan de verwachting voldeed; de keuze voor een andere Saperavi zou sterker bewijs zijn dat ook het druivenras zelf onderdeel is geworden van de volgende keuze.
Taoba en Bedoba staan bovendien met behoorlijk wat eigen bagage in de webshop. Beide zijn breder verkrijgbaar op de Nederlandse markt. Taoba heeft een 8,5 van De Grote Hamersma. Ook de etiketten vallen onmiddellijk op: Taoba met een grote blauw-witte pauw, Bedoba met zwart, wit, goud en een centrale vrouwenfiguur.
In deze gevallen verkoopt Saperavi nooit los van de rest van de fles. Taoba en Bedoba hebben ook een prijs, smaakstijl, producent, herkomst, beoordeling en een opvallend etiket. Online komt dat etiket zelfs eerder in beeld dan de technische informatie. De verkoopcijfers zeggen dus vooral iets over het succes van Taoba en Bedoba als complete producten. Het aandeel van de druivennaam daarin is moeilijk te isoleren.
365 druiven als gereedschapskist
De grootste waarde van ‘365 druiven in 365 dagen’ ontstaat in de vertaalslag naar de klant. Koen bouwt kennis op over druiven, stijlen, producenten, prijzen en verkrijgbaarheid. Tegelijkertijd ziet hij in zijn webshop welke wijnen mensen daadwerkelijk kiezen.
Koens assortiment telt veel verschillende druivenrassen, maar de verkoop concentreert zich sterk: negen rassen zijn samen goed voor de helft van alle verkochte flessen. Het aanbod is daarmee veel breder dan het koopgedrag. De waarde van het project zit vooral in wat Koen met de opgedane kennis kan doen.
De 365 namen zijn daardoor zijn gereedschapskist. Die kennis krijgt commerciële waarde zodra Koen sneller kan bepalen welke wijn past bij wat een klant zoekt: strak wit, een alternatief voor Primitivo of juist iets volkomen onbekends.
Een onbekend druivenras kan de eerste fles onderscheidend maken. Interessanter is wat daarna gebeurt. Zoals ik in ‘De tweede fles’ beschrijf, laat de volgende keuze zien welk deel van de eerste ervaring de klant meeneemt.
Een tweede fles van dezelfde wijn laat zien dat de wijn heeft gedaan wat de klant ervan verwachtte. Kiest de klant vervolgens een wijn van een andere producent maar van hetzelfde druivenras, dan begint ook de druivennaam als herkenningspunt te functioneren. Kiest hij bij dezelfde verkoper juist een heel andere wijn, dan kan het vertrouwen ergens anders zijn komen te liggen: bij degene die de aanbeveling deed.
Gerelateerde onderwerpen
- Open Wine Map: één freelancer ontsluit de wijnregels die Europa versnipperd publiceert
- Wetenschappers ontrafelen het oudste wijngeheim ter wereld – en herschrijven 11.000 jaar geschiedenis
- De klant is koning. Mits hij zich aan onze wijnregels houdt
Bijgewerkt op 10 oktober 2026
